In een keukenrobot meng je de gezeefde bloem met de in stukjes gesneden koude hoeveboter, poedersuiker en vanillesuiker en een snuifje zout tot kruimels.
Voeg dan de eierdooier en indien nodig ijskoud water toe, en meng tot een net samenhangend deeg.
Snijd het deeg in 2, maak 2 bollen, wikkel in folie en laat minstens een uurtje rusten in je koelkast.
Ondertussen was je de braambessen. Doe ze in een sauspan met de suiker, citroensap en kaneel. Breng aan de kook. Maak een papje van de maïzena en wat water, en roer door het fruit. Laat even indikken en afkoelen.
Oven voorverwarmen op 180 graden.
Beboter en bebloem een taartvorm. Bebloem en werkvlak. Rol 1 deegvel uit en bedek hiermee de bodem en de zijkant van je taartvorm. Bestrijk indien gewenst de top van de rand met losgeklopte eierdooier.
Strooi er een laagje paneermeel of zeer fijngehakte noten over.
Vul met de koude braambessen.
Rol het tweede deegvel uit en bedek hiermee de bramen. Snijd in het deksel hier en daar een opening. Borstel indien gewenst losgeklopte eierdooier over het deksel. Overstrooi indien gewenst met wat rietsuiker.
Laat je braambessentaart een 35 tot 45 tal minuten bakken op 180 graden: totdat de korst mooi krokant gebakken is.